Huiswerk login

 

PROGRAMMA

U treft hier een beschrijving aan van de onderwijsvormen in examenmogelijkheden van De Taalfontein.

Voor meer gedetailleerde informatie verwijzen wij graag door naar onze schoolgids link

 
Onderwijsvormen

De Taalfontein biedt de volgende onderwijsvormen aan:

Peuteronderwijs

Voor leerlingen jonger dan 4 jaar is het mogelijk om een peuterklas te starten. Het les geven is erop gericht om uw kind in harmonie in een sociale omgeving met plezier kennis te laten maken met het schoolleven. De kinderen zullen in een kleine groep spelenderwijs werken waarbij veel aandacht is voor spel, liederen en verzen.

Kleuteronderwijs

Voor leerlingen vanaf 4 jaar biedt De Taalfontein kleuteronderwijs in twee groepen (PO 1 en PO 2). Ook in het kleuteronderwijs is alles erop gericht om uw kind in harmonie in een sociale omgeving met plezier kennis te laten maken met het schoolleven. Er is speciale aandacht voor verhalen, liedjes, poëzie, prentenboeken en met behulp van werkbladen worden de kleuters spelenderwijs, klank- en letterwijs.

 

Primair onderwijs

Voor leerlingen in het basisonderwijs biedt De Taalfontein onderwijs verdeeld over 6 groepen (PO 3 t / m PO 8). Het onderwijs bestaat uit 2 lesuren per week in 1 uur huiswerk aangevuld met culturele activiteiten. Kleine groepen waarborgen aandacht voor het individu, alsmede onderwijsmethoden en leermiddelen met aandacht voor verschillen in leerniveaus. Elke leerling wordt begeleid naar een level waarbij hij / zij kan instromen in het Nederlandse en Vlaamse onderwijssysteem. Indien de leerling op een publieke Zwitserse onderwijs (Elco / Canton Geneva) dagschool zit, zal er op het jaarlijkse eindrapport vermeld worden dat hij / zij Nederlandse taalles heeft gevolgd.

Voortgezet onderwijs

Het voortgezet onderwijs is diploma-gericht (VO 1 t/m VO 4).  Er wordt gestreefd naar een niveau, dat toelating tot hoger en universitair onderwijs in Nederland en België mogelijk maakt zonder extra toelatingsexamens . De leerlingen kunnen worden voorbereid op het IGCSE ‘First Language Dutch’, het certificaat Nederlands als vreemde taal of het Internationaal Baccalaureate (IB).

Examenmogelijkheden

De onderbouw van het voorgezet onderwijs (VO 1, 2, 3) is in lijn met de kerndoelen en exameneisen voor HAVO/VWO voor Nederlandse taal en cultuur. Na de onderbouw wordt afhankelijk van de capaciteiten, motivatie en toekomstplannen van de leerling en de situatie een keuze gemaakt voor een van de volgende diploma mogelijkheden:

 

International General Certificate of Secondary Education (IGCSE)

Het IGCSE wordt doorgaans afgelegd aan het einde van VO 4 (grade 11). Een IGCSE Nederlands kan dienen als afsluiting voor degenen die niet willen studeren aan een Nederlandse universiteit. Voor informatie over dit kwalificatie, zie www.cie.org.uk

Voor het Nederlands binnen het IGCSE Programma zijn er twee mogelijkheden:

 

IGCSE Foreign Language Dutch qualification

Deze kwalificatie is voor leerlingen waarbij Nederlands niet de moedertaal is. Er zijn 4 onderdelen: luisteren; het beantwoorden van vragen naar aanleiding van gegeven stukken tekst; spreken en het schrijven van een opstel. De nadruk ligt op effectief communiceren in het Nederlands in praktische situaties.

IGCSE First Language Dutch qualification

Deze kwalificatie is voor leerlingen met Nederlands als moedertaal. Het examen is schriftelijk en er zijn twee onderdelen: het beantwoorden van vragen naar aanleiding van een tekst en het schrijven van een opstel (350-500 woorden).

Doelstelling is dat de leerling in staat is over verschillende onderwerpen te lezen, een relevante woordenschat te gebruiken en correcte grammatica, spelling en interpunctie toe te passen. Vaardigheden als analyseren/synthetiseren worden ontwikkeld. Persoonlijke ontwikkeling en een beter begrip van zichzelf en de wereld staan hierbij centraal.

De IGCSE kwalificatie kan niet als een (school)diploma beschouwd worden. Het is een waardering die apart wordt uitgesproken voor elk vak dat de leerling (via de dagschool) aflegt. Echter, de IGCSE niveaus worden erkend door scholen en werkgevers in de meeste landen.

 

International Baccalaureate (IB)

Het IB is het eindexamenprogramma gedurende het 12e en 13e jaar van de internationale scholen. Met een IB diploma waarin Nederlands is opgenomen als A of B Higher, kunnen leerlingen vaak zonder extra toelatingsexamen Nederlands worden toegelaten tot de Nederlandse Universiteit (zie www.nuffic.nl voor meer informatie). Graag uw aandacht voor het feit dat een diploma wel recht op toelating kan geven, maar dat voor succesvol verder studeren in Nederland soms meer vereist is dan wat in een programma wordt behandeld.

Verder onderwerpen de meeste Nederlandse Universiteiten en Hogescholen sinds een aantal jaren alle studenten, ook zij die in Nederland studeerden, aan een zelfontwikkelde taaltoets. Daarom is het belangrijk dat leerlingen die van plan zijn in Nederland verder te studeren al vóór de keuze van het vakkenpakket van het IB in VO 4 (11th grade) contact opnemen met de onderwijsinstelling van hun keuze. De toelatingseisen kunnen namelijk per instelling en/of per studie verschillen.

Het IB programma heeft een wereldwijd vaststaand curriculum met strakke, duidelijk omschreven eisen. Het IB programma bestaat normaal uit zes vakken, eventueel uit zeven vakken. Daarbij moeten minimaal twee talen worden gekozen. Eén daarvan, de beste taal van de leerling, moet als A worden gedaan. De tweede taal wordt gedaan als B of bij wijze van uitzondering als tweede A. (De programma’s van A en B worden hieronder nader toegelicht).

Ten minste drie vakken moeten gekozen worden op “Higher level”, de andere drie of vier vakken mogen op “Standard level” gedaan worden. Aan “Higher” worden in het reguliere onderwijs per week zes lesuren gewijd, aan “Standard”, vier. In het privé-onderwijs worden hier weliswaar minder uren voor uitgetrokken. De beoordelingen, (de “assessment criteria”) liggen vast en zijn soepeler voor Standard en strenger voor Higher level.

Onderdelen van de eindexamens worden centraal nagekeken en beoordeeld. De syllabus (programma/eisen van het vak Nederlands) is beschikbaar op de scholen bij de IB/modern language coördinatoren.

Language A: literature

Deze variant is gebaseerd op de Nederlandse literatuur terwijl ook de wereldliteratuur in Nederlandse vertaling ruim aandacht krijgt. Er worden 13 boeken in totaal bestudeerd voor "Higher level" en 10 boeken voor "Standard level". Voor de keuze van de boeken is de docent gebonden aan voorgeschreven lijsten waarbinnen weer specifieke vereisten zijn. De leerling bestudeert op een grondige manier literatuur uit verschillende culturen, genres en tijdperken. Hij/zij leert de artistieke kwaliteiten te waarderen en scherpt zijn/haar kritische zin aan door literaire analyses te maken, zowel schriftelijk als mondeling.

 

Language A: language and literature

"Language and literature" is gebaseerd op de kritische studie van geschreven en mondelinge, literaire en niet-literaire teksten. Nadruk ligt op de culturele achtergrond van teksten, hoe teksten in de media gebruikt worden. Literaire analyse is hier (maar) één onderdeel van.

 

Language B

Nederlands B kan gekozen worden als een leerling graag zijn of haar Nederlands wil verbeteren en de cultuur die met de taal samenhangt verder wil leren kennen. Binnen IB B Higher worden ook twee literaire werken bestudeerd.

Dit B-programma is gericht op de ontwikkeling van het luisteren, spreken, lezen en schrijven en bestudeert een grote variëteit aan tekstsoorten, plus een aantal vaststaande thema’s die vaak gericht zijn op de Nederlandse cultuur.

Voordat de leerling zijn keuze voor het IB-programma doorgeeft aan zijn/ haar dagschool, zal de Taalfontein een Informatieavond houden. Hierdoor kan de school de behoeften inschatten voor het volgend schooljaar en de klassen daarop afstemmen. Dit heeft voor u als ouder als voordeel dat wij door afstemming van vraag en aanbod van IB onderwijs de kosten beter kunnen bepalen.